Na een eerdere
controverse over Spotify's doorbetalingen schreef ik onderstaand opiniestuk voor
Volkskrant.nl en
DeMorgen.be, naar aanleiding van de berichtgeving over Spotify's business model.
'Spotify zwaar in financiële problemen' kopte
de Volkskrant afgelopen week, een artikel dat werd overgenomen van internationale tech- en nieuwssites die het
business model van de streaming muziekdienst
'alarmerend' en
'onhoudbaar' noemen, door marketingblog Dutch Cowboys vrij geïnterpreteerd als
'Spotify koerst af op bankroet'. Gemakzuchtige
copy-paste journalistiek, gebaseerd op suggestieve presentatie van cijfers en feiten. Maar bovenal: het leidt af van de kern. En die is stukken interessanter.
Paniek
Directe aanleiding voor de paniek is een rapport van de Amerikaanse analist Sam Hamadeh en zijn bedrijf
PrivCo. Hij baseert zich op enkele maanden oude gegevens, die Spotify
eind augustus zelf naar buiten bracht, maar interpreteert die cijfers wel erg vrij. Dieptepunt in zijn analyse is de claim dat Spotify’s ‘cost of sales’ 98% van de omzet (niet eens de winst) bedraagt, door sommige sites overgenomen als zou Spotify 98% van zijn inkomsten rechtstreeks als royalties aan artiesten uitkeren. Onzin.
Spotify spreekt zelf over een
doorbetaling van 70% van hun inkomsten aan rechthebbenden, veelal labels en platenmaatschappijen, die op hun beurt artiesten royalties vergoeden op basis van gesloten contracten. Algemeen wordt aangenomen dat Apple een
vergelijkbare afdracht van 65% à 75% betaalt voor verkopen via iTunes, wat Spotify’s uitspraken over de hoogte van doorbetalingen geloofwaardig maakt.
Suggestieve koppen
Ergerlijk dat verschillende media kritiekloos verkeerde conclusies en percentages overnemen van een op z’n minst
twijfelachtige bron. Zo achtte Hamadeh een beursgang van Facebook vorig jaar nog onwaarschijnlijk en voorspelde dat de groei eruit was; Mark Zuckerberg meldde afgelopen maand doodleuk de grens van 1 miljard Facebook-gebruikers te zijn gepasseerd.
Hamadeh’s PrivCo leeft van de verkoop van analyses (een abonnement kost
honderden dollars per maand), wekt de schijn suggestieve koppen en controversiële conclusies als marketing van de eigen rapporten te gebruiken en profiteert daarbij van luie ‘journalistiek’. Twee keer Googelen en je hebt veel relevante achtergrondinformatie boven tafel, bijvoorbeeld dit genuanceerde artikel op
Billboard.
De kern
De kern van deze kwestie, die velen over het hoofd zien, is dat Spotify van de voornaamste content wordt voorzien door dezelfde partijen die de belangrijkste muziekrechten bezitten, daarom het leeuwendeel van de inkomsten ontvangen én aandeelhouder van de streamingdienst zijn: platenmaatschappijen. Of genoemde afdrachten 98% of 70% zijn doet feitelijk niet eens ter zake: leverancier, ontvanger én aandeelhouder zijn in het geval van Spotify min of meer dezelfde. Dit betekent dat labels grote invloed kunnen uitoefenen op dat percentage en zo verlies, winst, faillissement of overleven van Spotify voor een belangrijk deel bepalen.

Wanneer de streamingdienst over de kop gaat bij een afdracht van 98% (nogmaals: ik geloof geen fluit van dat percentage) kunnen labels bij wijze van spreken morgen besluiten dat percentage naar 20% te verlagen voor een periode van 3 jaar. Als leveranciers en rechthebbenden bepalen ze voor een belangrijk deel de prijs en als aandeelhouders praten ze daarover mee aan de andere kant van de tafel. Feitelijk hebben labels dus alle kaarten in handen om Spotify te laten slagen of over de kop te laten gaan en daarmee direct invloed op de winst- en verliescijfers die Spotify de afgelopen jaren naar buiten kon brengen.
Niet te stuiten trend
Koppel je bovenstaande verhoudingen aan de onvermijdelijke en niet te stuiten trend dat muziekconsumptie de afgelopen decennia van bezit (lp, cassette, cd, MP3/iTunes) naar toegang (streaming) verschuift, en alle labels op dit moment geen werkelijk goed, breed gebruikt én groeiend alternatief hebben voor Spotify, Deezer of Pandora, dan lijkt het me zeer onwaarschijnlijk dat ze Spotify laten klappen. De muziekindustrie en -consumptie beweegt onmiskenbaar en onvermijdelijk naar streaming en 'de cloud'. Spotify is vooralsnog één van de meest veelbelovende en groeiende streaming muziekdiensten. De gezamenlijke muziekindustrie, labels en aandeelhouders zouden compleet gek zijn en zichzelf voor de tweede keer ernstig in de voet schieten als ze Spotify failliet laten gaan, zonder alternatief met vergelijkbare potentie en enthousiaste gebruikers. Van
Napster kapot procederen zit onze industrie nog steeds op de blaren: het negeren van de digitalisering en de wensen van muziekliefhebbers halveerde de industrie in 10 jaar tijd. Die kapitale fout maken labels niet nogmaals.
Meerderheidsbelang
Wat ik wel zie gebeuren? Wereldwijde labels en platenmaatschappijen die, omdat ze zowel de belangrijkste leverancier, rechthebbende als verdiener zijn, een steeds groter aandeel in Spotify nemen, op termijn wellicht een meerderheidsbelang afdwingen of de dienst volledig overnemen. Net als in de hoogtijdagen van de muziekindustrie vóór Napster, Kazaa, Oink, The Pirate Bay, Spotify, Deezer en Pandora hebben ze dan opnieuw controle over het belangrijkste betaalde distributiekanaal voor muziek. Voor nu laten ze
Daniel Ek graag nog even bouwen aan zijn fraaie muziekdienst en doen winst- en verliescijfers minder ter zake dan sommigen, al dan niet uit eigenbelang of door luiheid, suggereren.
Niels Aalberts (1971)
werkt sinds 1994 in de Nederlandse muziekindustrie, managet en market verschillende Nederlandse artiesten voor management- en boekingskantoor Friendly Fire en blogt dagelijks over muziek, (online) marketing en management op Eerste Hulp bij Plaatopnamen.