Posts tonen met het label Roy Santiago. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Roy Santiago. Alle posts tonen

20 maart 2012

Perfect Blur (according to @RoySantiago)

Roy Santiago. Ken je Roy Santiago niet? Tuurlijk wel. En van Perfect Stiff 1 en 2 natuurlijk. En diezelfde Roy waagt zich nu dus aan Blur. Dat deed Roosmarijn ook al eens. En nu legt Roy dus zijn Bluresque mening daarnaast. Vandaar die 'according to...' toevoeging. Die ruimte is er bij ons. Zo zijn wij. We rekken die grenzen. Heel gek. 23 tracks heeft Roy geselecteerd. Da's niet weinig, dat is een anthologie. Onder het artwork de altijd gewaardeerde bijsluiter van Roy's hand. Die man kan prachtige liedjes én goede verhalen schrijven!

HIERRR Perfect Blur in Spotify,
HIERRR de dowload.

Enjoy!'Ik ben al vanaf mijn vijftiende fan van Blur. En dat is grappig, want dat is mijn halve leven. De eerste keer dat ik Blur hoorde was op televisie, een paar jaar daarvoor. Mijn ouders hadden een televisie gekocht met meer dan 12 kanalen en namen kabeltelevisie. En dat vond ik een heel erg goed idee, want daardoor hoefde ik niet meer steeds naar de overbuurjongen om MTV te kijken. Ik was inmiddels behoorlijk verslaafd geraakt aan die zender. Op woensdagmiddag keken we Yo! MTV Raps, op zondag keken we 120 Minutes, en tussendoor keken we eigenlijk ook alles. Op school werd alle nieuwe clips nabesproken. Het toffe was dat alle muziek net iets nieuwer was dan alles wat we in Nederland hoorden. Bovendien was de muziek vaak wat alternatiever dan op de Nederlandse radio.

Op een zaterdagochtend zat ik naar onze nieuwe televisie te kijken en daar zag ik voor het eerst Girls & Boys voorbij komen. Lekker nummertje, leuke zanger en vooral ook een erg herkenbaar thema. Zoals Damon Albarn daar zo bij een Grieks zwembad stond, deed me heel erg denken aan mijn zomervakanties in Catalonië. Aan de talloze keren dat ik samen met mijn Spaanse vrienden naar de Nederlandse enclave Salou ben geweest om te zwemmen. "Du bist sehr schön, but we haven't been introduced". Een jaar later was het 1995 en kocht mijn vader nóg een briljante aanwinst voor in het huishouden:

14 december 2011

Perfect Stiff pt. II (according to @RoySantiago)

In onze top 5 Perfects Aller Tijden staan minstens 11 Perfects. En Perfect Stiff deel I van Roy Santiago (re-up hier, Spotify-link daar) is daar er ZEKER eentje van.

En nu dus deel II. Die lastige tweede Perfect, noemen ze dat. Maar liedjessmid, liedjesverzamelaar, dj, connaisseur Roy Santiago is er wonderwel in geslaagd. Let het grijsdraaien commence. Opnieuw. Recommence, dus eigenlijk. Onder het artwork zet Roy nog een tandje bij qua begeleiding en duiding.

HIERRR de download,
HIERRR Perfect Stiff II in Spotify.

Enjoy!'Hoppekee, daar is hij dan: Perfect Stiff Records II! Er is niets zo gevaarlijk als een deel II maken na een succesvolle deel I. Oké, bij Terminator pakte het goed uit, maar dat is natuurlijk een klasse op zichzelf.

Toen ik de eerste Perfect Stiff Records maakte voor EHPO dacht ik dat er weinig respons zou komen. Het label heeft eind jaren '70, begin jaren '80 niet echt veel Nederlandse aanhangers gekend. Gelukkig mocht ik die verwachting al vrij snel bijstellen. Er kwamen heel veel goede reacties op de verzamelaar. Zelfs nu nog wordt Perfect Stiff Records regelmatig op verzoek geüpload.

De keuze om een deel twee te maken is niet zo'n moeilijke. Er is zo ontzettend veel moois uitgekomen op Stiff Records dat het zelfs erg makkelijk zou zijn om er 10 te maken. Maar dat is wel heel ambitieus. Mocht je nu pas invallen, dan is het wel een goed idee om deel I er even bij te pakken en om meteen even het begeleidende verhaal te lezen om meer over het label te weten te komen.

Ook op deel II van Perfect Stiff Records vind je weer alle ingrediënten die het label zo uniek maakten. Er zit erg veel variatie in genres, maar toch klinkt alles typisch Stiff. Stiff gaat van punk naar ska naar soul naar gladde disco en verveelt geen seconde. Het label had ook een voorliefde voor charmante solo-artiesten. Mannen als Ian Dury, Wreckless Eric en Wazmo Nariz. Mannen die het leven met een knipoog bekeken. Ian Dury's bekendste nummer Hit Me With Your Rhythm Stick is daar een goed voorbeeld van. Op deze verzamelaar vind je in dezelfde categorie ook Jona Lewies You Will Always Find Me In The Kitchen At Parties, met als tekst:
'She was into French cuisine but I ain't no cordon bleu'. Ook staan er een paar re-releases op de verzamelaar. Zoals Cry Like a Baby van The Box Tops (bekend van The Letter, en moeten we het nog over de zanger hebben?) en The Israelites van Desmond Dekker. Hoewel deze versie van 'The Israelites' niet dezelfde versie is als het bekende origineel. Dekker bracht rond 1975 zijn album Black & Dekker uit op Stiff Records en tourde met The Rumour. Hij scoorde er een top-10 hit mee in België.

Veel plezier met het beluisteren van Perfect Stiff Records II. Ik hoop heel erg dat hij net zo zal aanslaan als deel I!'

8 juni 2011

Roy Santiago doet het zo (3) - een videoclip schieten voor €0

Vorige week liet ik in het slot van deze 7-delige serie, over YouTube, zien dat je met een beetje geduld, tijd en handigheid ontzettend veel zelf kunt doen. En met prima resultaat, zie de live-clip die Jochem voor zijn band monteerde. Roy Santiago en zijn vrienden maken het ook niet moeilijker dan het is: 'Op deze blog vind je regelmatig artikelen waarin Zero Budget Marketing het onderwerp is. Daar zou die jongen eens iets mee mee moeten doen, denk ik weleens... Maar goed. Ook in deze editie van '...doet het zo' bespreek ik hoe je iets moois maakt zonder koortsachtig naar je internetbankierapparaatje te grijpen.

Deze week komt de tweede single van mijn nieuwe album uit: The Sun is in Your Eyes. En bij een single hoort een clip, want dat is gaaf [heerlijk en goudeerlijk argument!]. Clips worden al lang niet meer gemaakt met het doel ze op TV te krijgen. Ik weet dat mijn doelgroep - de mensen die (eventueel) interesse hebben in mijn muziek - geen TMF kijkt [bestaat ook niet meer, beste Roy]. Mijn doelgroep kijkt daarentegen wel heel vaak op Facebook en Twitter. En dat maakt het alleen maar makkelijk om bereikbaar te zijn. Nu hoeft een clip eigenlijk alleen nog maar online te worden gezet en te worden verspreid. En voor dat laatste heb je aanhang nodig. Dus aan die aanhang vraag je netjes of ze dat voor je willen doen.' Zo simpel is het inderdaad.
Roy: 'Mijn clip is geschoten door Mike Nicolaassen. Hij is ook verantwoordelijk voor de foto's op de hoes van mijn album en vertelde dat hij onlangs een camera had gekocht en daar al flink wat ervaring mee had opgedaan. Tijd dus om een clip te schieten met dat ding. We begonnen wat heen en weer te mailen over het idee, waarbij we Xavier vroegen mee te denken over het verhaal. Xavier speelt in het clipje de chauffeur. Na een weekje mailen hebben we in 1 weekend de clip geschoten. Op zaterdag bedachten we het complete verhaal, maakten een storyboard en gingen op pad om foto's te maken van mooie locaties. Oh ja, en we moesten nog figuranten hebben. Alle mensen in de clip hebben we 1 dag van te voren gevraagd om mee te doen, iedereen zei meteen ja. Het is geweldig om zulke gave vrienden te hebben die zich elke keer weer voor dingen laten strikken. Naar optredens komen, elpees financieren, een uur lang met blote voeten in ijskoud water gaan staan voor een clipje (de toetsenist): no problemo.

Op zondag gingen we aan de slag met filmen. Omdat we al wisten wat we nodig hadden aan beeld was het eigenlijk vrij snel gepiept. We hadden goede tijdsafspraken gemaakt met de mensen en ook met onszelf om op streeftijden klaar te zijn met het schieten van bepaalde onderdelen. De grootste klus was dat we met alle instrumenten door die baai moesten sjouwen. De week erop monteerden Mike en Xavier de boel.

Het maken van de clip kostte precies 0 euro. Nou oké, Xavier is er speciaal voor naar de Wibra gegaan om een chauffeursoverhemd te kopen. En natuurlijk een terrasrekening vanwege de wrap party.'

Komt-ie:



En zo ging het er achter de schermen aan toe:



Mooi werk, Roy! Kun jij ook.

24 maart 2011

Roy Santiago doet het zo (2) - hoe een passende hoes je plaat beter maakt

Een tijdje geleden vertelde Roy Santiago hoe zijn laatste 2 albums tot stand kwamen. In 1 moeite door gaf hij wat handige tips voor muzikanten die geen flauw idee hebben hoe ze het opnemen van een album aanpakken. 'Direct nadat het artikel was geplaatst werd ik he-le-maal kreezie gebeld door bands die door mijn artikel eindelijk het licht hadden gezien. Ik kreeg bedank-sms-jes, kaartjes, kleurplaten van dochters van euforische bassisten, mixtapes van bands die in het vorige artikel werden genoemd en het gerucht ging zelfs dat JC ‘De Regenboog’ in Grubbenvorst bezig was om mijn laatste persfoto op een kleed van 1,5 bij 2 te borduren (wat een klus!):Goed. De pakweg 136 bands die verklaarden mijn voorbeeld te volgen moeten nu zo’n beetje klaar zijn met opnemen, rekende ik uit. En daarom is het onderhand tijd voor deel 2.' Lijkt me een goed plan, Roy. Zet ondertussen zijn daverende powerpop-album op, via 3VOOR12's Luisterpaal.

'Mijn allereerste soloplaatje bracht ik lange tijd geleden uit op een Bredaas labeltje. Het heette Baron Samedi Records, en was net opgericht door 2 enorme muziekliefhebbers met visie. Kort daarvoor ontmoette ik een van de 2 mannen, Mischa Verheijden. Hij vond mijn muziek tof en zocht me samen met zijn compagnon op, op mijn slaapkamertje bij mijn ouders thuis. We besloten dat het een 7" vinyl werd (blauw!) met een stuk of 5 korte liedjes erop. Dat paste net. De hoes van de plaat werd ontworpen door een vriend van Mischa, Patrick Bras. Ik had een vaag ideetje als uitgangspunt en hij verzon de rest. Patrick was destijds assistent van fotograaf Erwin Olaf en in het weekend konden we zijn studio gebruiken.

Sindsdien zijn Patrick en ik altijd goede vrienden gebleven. Ondanks dat hij tegenwoordig in Barcelona woont zien we elkaar nog regelmatig. En sindsdien heeft Patrick vrijwel al mijn hoezen ontworpen, op een stuk of 2 na. Een vaste ontwerper is een bewuste keuze. Ten eerste is hij erg goed in zijn vak en daarnaast kunnen we erg goed samenwerken. Elke keer bespreken we een opzet. Wat de sfeer van de plaat is, wat belangrijk is om er op te zetten, dat soort dingen. Dat loont. Meerdere malen viel het hoesontwerp op in recensies. En dan heb je volgens mij een goede plaat gemaakt.



Een CD met goede liedjes is niet direct een goed product. Pas als de plaat een mooi hoesje krijgt met de juiste teksten erin heb je iets in handen. Een film met
Jeff Bridges is ook niet per definitie een waanzinnige film. Daar is meer voor nodig. De hoes moet iets vertellen over wat je gaat horen als je het album opzet. De hoes kan daarmee de inleiding zijn van de thematiek van je album. Het mooiste voorbeeld is Black Moses van Isaac Hayes. Een enorme seksplaat. Stoere tracks van een man die totale controle heeft over zijn (liefdes)leven. Het was destijds een behoorlijke openbaring dat soul niet per definitie ging over de onderdrukking van de bruine Amerikaan, maar over een man die het had gemaakt. Die zijn leven op orde had en een dikke auto onder zijn reet. Op de hoes liet Isaac Hayes zich halfnaakt portretteren. Hij droeg een peperdure zonnebril en had zijn bovenlijf volhangen met goud. Een donkere man met poen. Als je de hoes ziet weet je waar je aan begint als je de plaat oplegt.

Voor de hoes van mijn nieuwe album
The Great Pretender bedacht ik een idee om de thematiek van het album te onderbouwen. Het leek me mooi om mijzelf neer te zetten als een toerist in mijn eigen stad. Ik schreef de liedjes in de eerste lente van mijn leven als Nijmegenaar, en de liedjes gaan over mijn persoonlijke ontdekking van de stad. Grotendeels althans.

Om mijzelf als zodanig te laten portretteren had ik een fotograaf nodig. Patrick is een waanzinnige fotograaf, maar woont in Spanje. Daarom benaderde ik
Mike Nicolaassen. Mike is een Nijmeegse fotograaf die ontzettend veel bands uit de stad op de voet volgt. Hij gaat vaak mee met concerten van bevriende bands en maakt dan een soort reportage. Gewoon, omdat hij dat gaaf vind om te doen. Ik kende Mike alleen op kroegbasis en sprak hem regelmatig. En ik kende zijn werk natuurlijk. Maar ik had geen flauw idee hoe het was om met hem samen te werken. Daarom nodigde ik hem bij mij thuis uit om mijn ideeën aan hem voor te leggen. Binnen een uur waren we plannen aan het maken. Het klikte goed en Mike begreep direct wat ik wilde.

Zo kwam het er uit te zien: Mike en ik maakten de foto’s en Patrick het ontwerp. We besloten om alle muzikanten te portretteren die op de plaat hebben gespeeld. En gelukkig wilden ze ook allemaal komen. Zelfs celliste
Milena Eva kwam voor een half uurtje schieten langsgereden vanuit Rotterdam. Voor de Belgische muzikanten reden Mike en ik naar Antwerpen.Nadat Mike alle foto’s in de gekozen sfeer had nabewerkt, kon Patrick aan de slag met de hoes. Grappige anekdote: op een middag mailde ik hem een idee voor het lettertype. Iets wat ik mooi vond. Direct mailde Patrick terug: 'Zit je achter me ofzo?', met als bijlage de eerste opzet van de hoes, met precies dezelfde letters.

Al met al was het een geweldige klus om te klaren. Het is een hoop geregel en geplan. Als we het niet hadden gedaan dan had ik de plaat zeker anderhalve maand eerder uit kunnen brengen. Maar ik ben er van overtuigd dat ik dan een product had gemaakt dat de luisteraar veel minder zou aanspreken:
En de kosten? Een kratje Leffe en een paar keer tanken.'

Mooi verhaal, Roy. Mis het niet: a.s. zondag Roy's albumpresentatie in thuisstad Nijmegen, donderdag in dB's, Utrecht.

26 januari 2011

Roy Santiago doet het zo (1) - een album opnemen

Roy komt hier vaker: voor inspiratie, Perfect Elliot Smith, The Pixies en, best of all, Perfect Stiff. Zelf heeft-ie ook een perfecte nieuwe plaat gemaakt (want ik heb 'em al gehoord). Perfecte Pop welteverstaan. Dat ging zo: 'Het opnemen van een album is een mooi avontuur. Of kan een mooi avontuur zijn als je daar zin in hebt. Een studio is zo geboekt, en anders bouw je er gewoon zelf een. Het is maar net waar je zin in hebt en waar je genoegen mee neemt. Maar als je iets meer je best doet leidt het opnameproces je naar leuke plekken en krijg je de kans om toffe mensen te ontmoeten.'

Een plaat opnemen gaat niet alleen om het inspelen van de nummers. Tenminste, dat kan wel, maar dan klinkt het eindresultaat vaak lusteloos en mat, aldus Roy: 'Ikzelf vind het fijn om liedjes op te nemen die al wel structuur, kop en een staart hebben, maar nog niet helemaal af zijn. Om als het ware in de studio de 'grote broers' op te nemen van de demo's die ik thuis heb gemaakt. Op die manier wordt het opnemen in een studio een creatief proces waar de liedjes vaak sterker van worden. En dat krijg je niet in je eentje voor elkaar. Als je een gave plaat wilt opnemen, heb je daar een aantal dingen voor nodig. Uiteraard begint het met een zak vol sterke nummers, genoeg om een album mee te vullen. Liefst een paar teveel, zodat je er nog wat kunt schrappen als je er niet tevreden over bent. Verder: wat geld en een internetverbinding. En vergeet niet: de juiste mensen. Voor de laatste 2 albums die ik maakte ben ik steeds op zoek gegaan naar muzikanten die ik goed vind en die ervaring hebben met opnemen. Mensen die je kunt toevertrouwen met een pril liedje aan de slag te gaan om daar het beste uit te halen.

Mijn album
Broca heb ik opgenomen in het huis van de Amerikaanse singer-songwriter Justin Vollmar. We hadden eerder samen op een avond gespeeld in Utrecht. Hij zit op het label BlueSanct, gevestigd in Bloomington, Indiana. Ik kende Michael, de eigenaar en wist dat veel artiesten van zijn label ook woonachtig waren in Bloomington. Ik vond destijds dat mijn muziek leek op wat het BlueSanct toen uitbracht. Dus ik mailde Michael om te vragen of hij iemand kende met een studio. Hij tipte Justin, cc’de hem in zijn mail en 2 maanden later haalde Justin me op van het vliegveld in Indianapolis. In de 10 dagen waarin we het volledige album opnamen en mixten crashte ik in de thuisstudio van zijn broer en hemzelf (een bungalow in een bos buiten de stad). Afgezien van de vliegtickets en het zakgeld kostte het me $500 dollar (omgerekend zo'n €370) om het volledige album op te nemen.' Nu jij weer!Roy vervolgt: 'In maart komt 'The Great Pretender' uit [bij Munich] en eigenlijk heb ik op dezelfde manier plannen gemaakt als de keer ervoor. Eerst heb ik een tijdlang aan demo's gewerkt. Gewoon thuis. Drumstel en Philicorda in de kelder, dat werk. Het materiaal klonk meer dan eerder alsof er een hele band aan had gewerkt. Maar dan wel eentje met een matige toetsenist en een drummer die geen ritme kan houden. Ik moest dus ineens niet alleen naar een goede studio op zoek, maar ook naar goede muzikanten.

Een paar jaar geleden mailde ik de Belgische muzikant
Mauro Pawlowski. De man zit in zoveel projecten dat het nog lastig zou zijn om alle bandnamen op één arm getatoeëerd te krijgen. Ik vroeg me af waar hij al die projecten opneemt en hoopte er stiekem op dat hij een eigen studio zou hebben. Dat bleek niet zo te zijn. Naast dat hij geen tijd had -even later speelde hij in dEUS- vertelde hij dat zijn meeste projecten worden opgenomen in Studio Jezus, de studio van Pascal Deweze in Antwerpen. Pascal is zelf ook muzikant. Hij maakte in de jaren '90 furore met Metal Molly en speelt nu in Sukilove en Broken Glass Heroes. Daarnaast is hij vast bandlid in het gros van de projecten van Mauro. Met Pascal bleek het goed te klikken. Ik kreeg al snel in de gaten dat zijn rol in het proces niet zou ophouden bij het indrukken van de knoppen. Ook stelde hij me voor aan drummer Dave Schroyen en engineer Pieter van Buyten. Zelf nam ik bevriende muzikant Xavier Teerling mee als bassist. In Studio Jezus hebben we uiteindelijk alle basispartijen opgenomen: alle drums en baspartijen, piano, cello, lead vocals en de basis gitaarpartijen.'

Roy nam daarna met Xavier alle aanvullende partijen op in de thuisstudio van Xavier, op een voormalig terrein van de luchtmacht, in een oud opleidingscentrum: 'Da's goedkoper dan in een professionele studio. Want alles opnemen in een studio is gewoon best wel duur. Een ander voordeel was dat we lekker dicht bij huis zaten en dat we daardoor makkelijk wat bevriende muzikanten konden uitnodigen om instrumenten in te spelen. Het nadeel was overigens dat de verwarming het pas ging doen toen het lente werd. Maar dat terzijde.'

In beide gevallen komt het feitelijk neer op het volgende volgens Roy: 'Als je ideeën hebt over hoe je een album wilt opnemen, moet je daar niet te lang over twijfelen. Je kan veel verwezenlijken door er gewoon naar te vragen. Als je hier en daar rondmailt, kom je nooit zomaar op een dood spoor uit. En als je een paar verschillende plannen hebt, dan komt er altijd wel eentje tot uitvoering. Voorwaarde is wel dat je redelijk concrete ideeën moet hebben over hoe je iets wilt aanpakken. Met welke mensen zou je graag willen werken? Hoe lang wil je bezig zijn met het opnemen van een album? Wat is je budget? Het voordeel van deze aanpak is dat het altijd persoonlijk is. Je gaat ineens niet meer in je eentje die plaat opnemen, maar je hebt mensen gevonden die je er graag bij helpen en enthousiast zijn over je muziek. Op die manier komt het eindproduct al snel dik in orde. Al is het alleen maar omdat het album je doet herinneren aan een mooi avontuur.' En zo is het.

Rond de release van 'The Great Pretender' (nogmaals: heerlijke popplaat!) komt Roy hier opnieuw aan het woord. Tot dan.

12 oktober 2010

Perfect Belle & Sebastian (according to @jnnk)

Jenneke Harings is multimedia-redacteur bij de gemeente Tilburg en projectmedewerker prijzen bij het bkkc. Blogt. Draait wel eens plaatjes met Roy. Schrijft her en der. En maakt Perfects. Zoals deze: Perfect Belle & Sebastian. Goed getimed, want afgelopen vrijdag kwam het nieuwe album uit van de Schotse band. Onder het artwork de bijsluiter van Jenneke, waardoor deze Perfect nóg beter wordt. Enjoy!

HIERRR moet je zijn voor de download, HIERRR voor de Spotify-lijst.
"Vanaf 1999 werkte ik in Café de Deut in Nijmegen. Daar draaide het barpersoneel zelf CD’s. The Boy with the Arab Strap lag er ook. Iedereen die er werkte programmeerde altijd liedje 2 en liedje 5, soms liedje 9. Ik begon als terrasmeisje en terrasmeisjes draaiden geen CD’s, ze vroegen hooguit liedjes aan. Dat deed ik op vrijdagavond, na afloop van mijn dienst. Steeds liedje 2 en liedje 5 en ik wist nog niet goed wat ik later wel wist: ik werd verliefd op liedjes die mijn muzieksmaak definitief zouden veranderen en bepalen. ‘Jennekemuziek’ volgens mijn broertje en zusje. Eenmaal gepromoveerd tot barvrouw draaide ik The Boy with the Arab Strap werkelijk elke dienst die ik werkte. Integraal. Belle & Sebastian was van mij en naar later bleek, van nog vele anderen. Omarmd heb ik het bandje, met alles wat me lief was.

Ik was er wellicht wat laat bij, maar Belle & Sebastian werd verantwoordelijk voor alles wat ik na het kopen van het album met de groene hoes ben gaan luisteren. Wat ik goed vond en wat ik slecht vond, wat erop leek voor 1995 en wat erop leek na 1995; alles relateerde ik onbewust wel ergens aan Belle & Sebastian. De eerste keer dat ze in Nederland speelden, was ik er niet bij. Daarna zag ik ze 4 keer, met als hoogtepunt het concert op de binnenplaats van Somerset House in Londen (met The Shins in het voorprogramma). Het dichtst bij kwam ik toen ik drummer Richard mocht interviewen voor
File Under.

Een heikele onderneming, zo’n Perfect Belle & Sebastian. Mijn verhaal is mijn verzamelaar. Elk ander verhaal betekent een andere verzamelaar. Daarbij begon ik met een heuse dubbelaar met meer dan 40 liedjes. Dat aantal moest teruggebracht worden naar 18. Dacht ik. Ik kreeg 3 liedjes respijt. Toen vriend George, ook fervent Belle & Sebastian-fan me vanochtend via Twitter vroeg of ik
Take Your Carriage Clock and Shove It er op had staan, moest ik bijna huilen. Dat had liedje 21 moeten zijn. Er heeft op het allerlaatste moment een ander voor moeten wijken.

Uiteindelijk werd het openingsliedje van deze verzamelaar mijn favoriete lied van "The Boy with the Arab Strap". Dat is, hoewel ik veel ben gaan voelen voor
Seymour Stein, nooit meer veranderd. Dit liedje heeft voor mij alles en als ik het hoor, wil ik dansen zoals zanger Stuart Murdoch danst. Als Stuart danst ben ik verliefd op hem. Het liedje is een logische opening voor deze verzamelaar. Voor mij dan.

Het album waar de band mee begon. Een toevalstreffer? Het afstudeerproject van de dansende Stuart Murdoch. Fans vanaf het allereerste uur blijven zweren bij deze plaat. De band heeft zich in de eerste jaren ook in nevelen gehuld en laten hullen. Deze plaat markeert het begin van de ontwikkeling. Er staan belangrijke nummers op, en laat toch ook zien hoe gevarieerd de band is. Gesneuveld voor deze verzamelaar is het experimentele
Electronic Renaissance. Voor mij meteen bewijs dat de melancholische indiepop van Belle & Sebastian geen vrijblijvende zomaarpop was. Er zit meer achter. Er heeft bijna altijd meer achter gezeten.

Vroeger speelde ik hobo. Mijn zusje speelde fagot. Hobo is al een ongebruikelijk instrument bij popmuziek – gelukkig had ik Roxy Music als ik me weer eens kapot oefende op een of andere Bach-suite – fagot is het helemáál. In
I’m Waking Up to Us heeft Murdoch hobo en fagot gebroederlijk naast elkaar gezet. Zus en ik blij als een kind. Behalve hobo en fagot komen er heel wat instrumenten voorbij op de platen van Belle & Sebastian. Met mijn klassieke hafabra-achtergrond vind ik dat alleen maar leuk. Ik heb er geprobeerd zoveel mogelijk instrumenten te vinden. Ooit zei St. Paul tegen me dat ik Love’s Alone Again Or moest luisteren. Die trompet hoor ik terug in Judy and the Dream of Horses, maar het liedje lijkt op String Bing Jean. Blokfluit. Viool, veel viool, orgel, spinet, melodica, enzovoort.

Ik was begonnen met het verzamelen van de EP’s, die ik, toen ik in Londen woonde, af en toe in een platenwinkel nog wel eens tegenkwam. Op CD, dat wel. Die EP’s waren wonderschoon! Allemaal! Maar ik had ze nog niet allemaal, en downloaden, ach, dat deed ik wel, maar dat stelde niks voor, hoe moest ik aan al die liedjes komen?
Push Barman to Open Old Wounds, de verzameling compleet die de overgang van het kleine label Jeepster naar het veel grotere Universal kenmerkte, hoort tot de mooiste dingen die ik in mijn leven heb gehoord. Veel op deze Perfect komt van EP’s. Jonathan David is mijn lievelings. Het clipje van het bijbehorende liedje ook. De hele EP is op deze Perfect terechtgekomen.

Er is een DVD. Ik denk dat Stuart, Sarah, Bobby, Stevie, Chris, Mick en Richard familie zijn geworden toen ik deze DVD zag. Het is de DVD die ik het vaakst heb gekeken. Alle achtergrondliedjes die zijn gebruikt geven een warm gevoel, een aantal staat op deze plaat. ‘Leuk’ is een gefiguurzaagd paardje, zeggen Hanneke Hendrix en Alex van Warmerdam altijd, maar deze DVD is echt leuk.

Het zijn niet mijn favoriete platen. Belle & Sebastian maakte nog steeds prachtige popliedjes en dit gaat nooit nooit nooit meer stuk, maar de liedjes op de laatste 2 albums zijn niet mijn favoriete liedjes. Het zijn al helemaal niet de singles die ik het sterkste vind. Ik heb de onverwachte liedjes van deze albums gehaald. Wat ik in de gauwigheid van het nieuwe album hoorde, deed me deugd. Een zweem van vroeger hangt er over de liedjes. Het uitkomen van de plaat is het aangrijpen van deze Perfect.

Het nieuwe album verscheen afgelopen vrijdag. Ik heb het al gehoord. Ik hoor een soort terug naar vroeger. Maar ik hoor vooral Belle & Sebastian en ik ben weer zo blij als een kind. Een nieuwe plaat is alsof je familie na lange tijd weer terugziet, met je eigen herinneringen in het achterhoofd. Oh, als Stuart maar weer gaat dansen en Sarah lekker stil naast hem blijft staan. Dan is alles goed."


- Jenneke Harings

5 oktober 2010

Perfect Pixies (according to @RoySantiago)

The Pixies is zo'n band die je MOET kennen. Als liefhebber. Je hoeft de muziek niet per se goed te vinden (de kans is groot dat je het wel te gek vindt), maar dit is wel één van die defining bands, met defining songs. Roy Santiago maakte eerder o.a. Perfect Stiff (in onze Top 5 perfect Perfects tot nu toe) en nu dus de perfecte Pixies-verzamelaar. De Pixies zijn dus in goede handen... HIERRR moet je zijn voor die download, HIERRR op Spotify. Onder het artwork een goed verhaal van Roy. Aanrader! Enjoy.
"Het idee om een Perfect Pixies te maken kwam toen ik een tijdje geleden met 130 km/u over de A12 scheurde met één van mijn lievelingsalbums, Trompe Le Monde, keihard op de speakers. Met een album van The Pixies op weet je namelijk zeker dat je altijd ergens op tijd aankomt. Albums van The Pixies zijn doorgaans voorzien van een stuk of 14 nummers van rond de 2,5 minuten. Dus als je ver moet rijden dan heb je kans dat je het hele album 2 keer achter elkaar hoort. Dat vind ik zelf vaak nogal irritant, maar voor een album van The Pixies maak ik een uitzondering. Het is namelijk niet echt moeilijk om naar te luisteren (als je gewend bent aan veel gitaarruis), maar tegelijk interessant genoeg omdat er in zo weinig tijd zulke geniale compostities voorbij komen.

Eigenlijk is het een beetje overbodig om een Perfect Pixies te maken. Er zijn in de loop der jaren al wat verzamelaars uitgebracht. En bovendien is elk album van The Pixies een Perfect Pixies. Maar als muziekliefhebber zit u natuurlijk helemaal niet te wachten op het instapmodel. U zou het natuurlijk veel leuker vinden als een liefhebber speciaal voor u een verzamelaar in elkaar spijkert. Nou, bij deze. Ik heb de overbekende nummers Monkey Gone To Heaven en Where Is My Mind? eraf gelaten, want die kent u nu ondertussen wel hè? Tegelijk leek het me ook een mooie uitdaging om de perfecte verzamelaar voor de die-hard te maken. U zult vast een nummer tekort komen, en eerlijk gezegd kom ik zelf ook een paar nummers tekort. Maar een verzamelaar moet ook een beetje lekker lopen en de nummers moeten aansluiten en alles. Misschien is het leuk, als u zo'n liefhebber bent, om niet naar de tracklisting te kijken maar gewoon de verzamelaar op te zetten.

Mocht u The Pixies tot nu toe alleen maar kennen van die laatste scene uit Fight Club, dan volgt hier een korte introductie:

The Pixies komen uit Boston en maakten hun platen tussen 1986 en 1991, zo ongeveer. Daarna zijn ze uit elkaar gegaan en tegenwoordig treden ze weer op. Zanger en componist Black Francis was nogal een klootzak, want hij liet zijn bandleden per fax weten dat hij ermee stopte. Daarna ging hij solo als Frank Black en maakte hij een paar gave platen en een heleboel stomme. Tegenwoordig is hij fan van Herman Brood.

Bassiste Kim Deal was gaaf. Mannen vielen massaal voor haar trage, wat lijzige stem. Ze zingt eigenlijk zoals Vlaamse vrouwen praten. Daarnaast kon ze ook nog eens een behoorlijke stempel op het geluid drukken met haar eigen materiaal. Toen The Pixies uit elkaar gingen scoorde ze een flinke hit met haar eigen band The Breeders. Haar zus Kelley speelde ook in die band. Toen ik een jaar of 14 was, was ik verliefd op een meisje omdat ze zo op Kim Deal leek. Verder was Kim Deal behoorlijk aan de wat-niet-eigenlijk.

De gitarist heet Joey Santiago. Dus ik hoef verder niet uit te leggen hoe cool die vent is, lijkt me. Het is geen neef, want anders had u nu een roadie-verhaal zitten lezen.

Drummer David Lovering vind ik persoonlijk de beste muzikant van de band. Omdat hij zo strak drumt kan de rest ongestraft wat steken laten vallen. Vooral op de latere platen, toen er flink wat galm op de drums werden gemixt, leek het af en toe net een drumcomputer. Maar op een goede manier. Extra credits krijgt de man voor het feit dat hij na zijn drumcarrière magiër is geworden. Echt waar. Tegenwoordig is hij David Lovering: The Scientific Phenomenalist. Hoe gaaf is dat? Overigens vind hij er zelf niet zoveel van. In een interview zei hij eens:
"The difference between an musician and a magician is only a few letters".

Goede Pixies tips:
  • The Pixies hebben met enige regelmaat de BBC bezocht en daar is een album van uitgebracht, The Pixies at the BBC. Die is echt de moeite waard. Wel eerst even door die compleet overbodige Beatles-cover heen luisteren, maar dan kan het feest beginnen.
  • Bent u onlangs nog weleens op een MySpace-pagina geweest? Nee? Nou, ik ook niet. Maar toch is er wel iets heel gaafs op te vinden. Een Engelse kerel, Andrew, heeft een hoop muzikanten geïmiteerd die The Pixies coveren. Hij heeft dan bijvoorbeeld 'Elevate Me' laten coveren door The Beach Boys. Heel erg knap gedaan. Hier te vinden.
  • Dan is er natuurlijk nog de Wikipedia om alles eens keurig na te lezen...
  • ...en de officiële website van The Pixies".
- Roy Santiago

22 maart 2010

Perfect 13

Vorige week overleed briljant songsmid en cultheld Alex Chilton, zanger van een wereldhit met The Box Tops en begin jaren '70 verantwoordelijk voor drie klassieke albums met Big Star. Die eerste 2 albums staan samen op 1 midprice-CD en is de beste €8,99 die U ooit uitgaf (vooruit, die combinatie van 2 klassiekers van Gram Parsons komt in de buurt...).

Chilton was met zijn band verantwoordelijk voor een lange trits powerpop-klappers waar R.E.M., Wilco, maar vooral The Replacements, Teenage Fanclub en The Posies hun oeuvre op baseerden: "Back of A Car", "Daizy Glaze", "The Ballad of El Goodo", "Way Out West", "O My Soul", "Feel", "September Gurls" (geen tikfout), "Jesus Christ", "Thank You Friends", "When My Baby's Beside Me" en ga zo nog maar even door. En dan vergeet ik "Thirteen", het beste man-met-een-gitaar-liedje allertijden dat ik hier een ode bracht. Het Zesde Vlak en EHPO doen dat vandaag dunnetjes over met 13 versies van de gelijknamige song, een bewijs van de klassieke status ervan. Naast 2 versies van het origineel ook een exclusief voor deze Perfect opgenomen versie van Roy Santiago (@roysantiago). Als er ooit een song was die de kwalificatie Perfect verdiende... Enjoy!

DOWNLOAD voor Mac én PC.

23 februari 2010

Perfect Stiff (door @RoySantiago)

Roy Santiago is naast liedjessmid ook liedjesverzamelaar. Inspiratie haalt hij uit oude soul, geluid uit de jaren '70 en '80 en de betere popliedjes van nu. Samen met zijn lief draait hij geregeld plaatjes op feestjes als het Goed Volk DJ-team. Met enige regelmaat brengen ze DIY verzamel-CD'tjes uit voor vrienden en bekenden. Volg zijn muzikale activiteiten en overpeinzingen op zijn website. En, last but not least, maakte hij deze Perfect Stiff. Is it a band? Is it a singer? No, it's a super record label uit de UK! Onder het artwork het prachtig opgeschreven verhaal achter deze Perfect Stiff.

HIERRR de download,
DAARRR op Spotify (helaas verre van compleet),
HIERRR Perfect Stiff II.

"Het kunnen opsommen van een reeks De Betere Platenlabels is doorgaans alleen besteed aan doorgewinterde muziekliefhebbers. En dat is misschien maar goed ook, want er zijn al genoeg dingen om te onthouden, uit te rekenen, schoon te poetsen, bol te werken. Als liefhebber of verzamelaar is het toch zaak om de basiskennis van het platenlabel goed op orde te hebben. Immers, als je toffe nieuwe schoenen op het oog hebt, dan wil je ook weten waar je heen moet om ze te kopen. Verder is een beetje kennis van platenlabels labels natuurlijk handig om pienter te kunnen reageren op Twitterberichten van gelijkgestemden.

Een label wordt door de liefhebber vaak gezien als een keurmerk. Kom je als soul-liefhebber iets tegen waar je nog nooit van hebt gehoord en staat er een logo van
Stax achterop: blind kopen. Verzamelaars van Soul-Jazz Records zijn bijna altijd interessant en goed, ongeacht het genre. Samen met een hoop soortgelijke labels is er dus een bovenlaag. Dan zijn er nog een hoop labels met een 4-sterren moeilijkheidsgraad qua bekendheid en qua Aan Te Komen. En dan zijn er nog de obscure labels die zelfs de oprichters alweer vergeten zijn, de re-issue labels, de labels die alleen muziek uitbrengen op uitgestorven geluidsdragers, noem maar op. Die one-issue labels zijn voor de mensen die écht de hele dag niets te doen hebben.

In deze Perfect-editie vind je een verzameling hits van het befaamde Britse Stiff Records. Of nou ja, befaamd, befaamd. In Nederland is dat hele Stiff Records nooit echt een fenomeen geweest. Veel artiesten uit deze stal hebben hier daarentegen veel hits gehad. Om er slechts enkele te noemen: Madness, Elvis Costello en Ian Dury & The Blockheads. Uit de Stiff-stal komen ook een hoop acts voort die een hit hebben gehad maar waar je verder nooit meer iets van hoorde, one-hit-wonders, zogezegd. 'Sign of the Times' van Belle Stars bijvoorbeeld. Of de gigantische kerstkraker 'Stop the Cavalry' van Jona Lewie.

Stiff Records was actief tussen 1976 en 1985. Het label kreeg al kort na oprichting landelijke bekendheid door de slimme marketing van het label, die meestal gepaard ging met een flinke dosis humor. Dave Robinson en Jake Riviera, de platenbazen, gebruikten slogans als 'The World's Most Flexible Record Label', 'We came. We saw. We left.' en 'If It Ain't Stiff, It Ain't Worth a Fuck'. Nick Lowe bracht een ep uit die
Bowi heette, als antwoord op David Bowie's 'Low'. Britse illustrator Barney Bubbles verzorgde een groot deel van het artwork, inclusief de meegeleverde behangstukken in de plaat 'Do It Yourself' van Ian Dury. Wat Stiff ook handig deed was het organiseren van Stiff-tours door het hele land. De bekendste acts werden in een bus gestopt en door het land gereden. De shows zijn legendarisch, zie DIT filmpje (let u vooral op het feestgehalte, de fijne Britse humor van de artiesten en het feit dat om de 20 seconden wel iemand zijn neus ophaalt).

Nee, ik kreeg Stiff niet mee van thuis uit. En nee, ik heb het ook niet bewust meegemaakt, al kochten mijn ouders al Stiff-platen. Ik moest het label anders ontdekken. Het was mijn lief die met de eerste Stiff-platen thuis kwam. Ze werkte elke woensdag bij
De Waaghals, de fijnste platenzaak van Nijmegen, met dito fijnste vinylkelder. Op een dag werd ze fan van Jona Lewie. Twee maanden later konden we bijna een hut bouwen met het aantal platen van Wreckless Eric, Nick Lowe en al die andere helden. En ook bleken we al meer Stiff in huis te hebben dan we dachten. Wisten wij veel dat die ene toevallige Madness-plaat van ons ook Stiff-klassieker was? Ik heb hulp van haar gekregen. Zonder mijn lief - tevens andere helft van het Goed Volk DJ-team - was deze Perfect Stiff stukken minder leuk geweest. Ja natuurlijk komen wij Stiff-plaatjes draaien op jouw feestje. Met alle plezier. Want de parels van Stiff Records moeten gehoord, gekocht en gekoesterd worden."

Meer Stiff:

20 oktober 2009

Perfect Elliott Smith (door Roy Santiago)

Roy Santiago is naast liedjessmid ook liedjesverzamelaar. Inspiratie haalt hij uit oude soul, geluid uit de jaren '70 en '80 en de betere popliedjes van nu. Samen met zijn lief draait hij geregeld plaatjes op feestjes als het Goed Volk DJ-team. Met enige regelmaat brengen ze DIY verzamel-CD'tjes uit voor vrienden en bekenden. Momenteel werkt Roy Santiago samen met Pascal Deweze in Antwerpen aan een nieuwe plaat. Ook verschijnt binnenkort van zijn hand het project Shipwreck Songs. Eerder materiaal is gratis te beluisteren en te downloaden op zijn website.

Niet iedere artiest verstaat de kunst van het liedjes maken als de andere en sommigen zijn dan ook beter vertegenwoordigd in de platenkast van Roy Santiago. Elliott Smith is daarvan een groot voorbeeld.

HIER Perfect Elliott Smith voor Mac,
HIER voor PC.



"Er zijn altijd mensen in je omgeving die concerten hebben gezien waar je jaloers op bent. Pavement in een achterzaaltje in Dordrecht, een onverwacht nachtconcert van Prince in de jaren '80, The Bintangs toen ze nog rond de 23 waren en de versterkers op 11 hadden staan, dat soort concerten. Zal je ook net zien dat die mensen zich elk detail weten te herinneren van die avond. Wat hun toenmalige liefjes aanhadden, complete setlists, hoeveel soorten speciaal bier ze bij de bar op de tap hadden... Vermoeiende gesprekken. En hoewel ik altijd geïnteresseerd ben in speciaal bier kan ik maar zelden echt jaloers worden.

Ik heb Elliott Smith zien optreden.

Ik sjokte aan het begin van deze eeuw eens achter een vriend aan op Rock Werchter. Veel te heet, veel te weinig geslapen en matige bands op de bewuste dag. Vriend ging bij een singer/songwriter kijken waar ik weleens van gehoord had en ik ging dus maar mee.

Elliott Smith kwam op met een brede grijns op zijn gezicht en een glimmend T-shirt aan van Willy Nelson. De show begon met 'Son of Sam' en ik zat er meteen in. Een half uur later, zoiets, speelde de band 'Everything Means Nothing To Me' en alles klopte. Het geluid, de samenzang en boven alles: een Elliott Smith die er voor ging.

Een paar jaar later was ik in Glasgow kortstondig verliefd geworden op een Zweeds meisje die van zijn muziek hield. Daar enigszins door gestimuleerd kocht ik 'Either Or' en in de weken daarna de rest van zijn albums. Met dat meisje werd het niks. De vriend sms-te dat Elliott Smith overleden was. Ik was verdrietig, maar niet om haar."
- Roy Santiago

Vanmiddag rond 14u deel 2 van John Coffey doet het zo. Volgende week: Perfect (early) Bowie.

8 juni 2009

Inspiratie (5)

Singer/songwriter Roy Santiago (dat is z'n website annex blog) is bijna klaar met een nieuw album, "Shipwreck" getiteld. "Het is een vrij fragmentarische plaat geworden", volgens Roy, "met een sfeer die goed bij het najaar past." Dus komt-ie dan uit. Tot die tijd haal je Roy's meest recente album hier. Gratis, maar die jongen moet ook eten dus wel zo vriendelijk als je 'em bestelt voor slechts €5 + €2 postzegels. Snel doen, want de CD is bijna op. Roy is (met lichte tegenzin?) ook te vinden op MySpace, Facebook, Twitter en Last.fm. Hij schreef een mooie aflevering in deze serie-zonder-einde over inspiratie. Andere bands en muzikanten die geïnspireerd raken (...) door zijn verhaal nodig ik van harte uit zelf een stukje te schrijven; plaats ik graag. Maar eerst Roy:

"Eigenlijk zou ik zomaar de perfecte doelgroep kunnen zijn voor de avondprogrammering van RTL. Programma's waarin mensen geholpen worden om hun huis weer op orde te krijgen, juist omdat er 2 gehandicapte mensen in dat huis wonen (zij is aangeboren slecht ter been, hij is - ook aangeboren - niet zo snugger), programma's waarin 4 mensen bij elkaar komen om er achter te komen wie precies het best kan koken en als opsteker meekrijgen dat four ook best een crowd kan zijn. Alledaagse tragiek, uitvergroot voor mensen zoals ik.

Ik heb er geen behoefte aan om mensen uit te lachen om hun tekortkomingen of tragiek. Dat zou niet netjes zijn en zo ben ik bovendien niet opgevoed. Maar ze fascineren me gewoon enorm. Het maakt de saaie mens minder saai. En het maakt het waard om over te schrijven, als liedjesschrijver. Ook heeft het iets hoopvols om uit te spreken dat iedereen zijn eigen sores heeft. Het maakt het leven voor veel mensen misschien draaglijker. Dat is waarschijnlijk ook het doel van die televisieprogramma's.

Vorig weekend kwam die constatering ineens naar boven drijven. Ik las een interview met Anton Corbijn in Volkskrant Magazine. En daar stond bovenaan het interview als lokkertje:
"Iedereen denkt dat ik het voor elkaar heb, maar ik heb wel mijn huis in London moeten verkopen.". Dat was niet de letterlijke tekst hoor, maar zoiets was het wel. Ik kan het ook niet natrekken want toevallig is vandaag bij ons het oud papier opgehaald. Maar zoiets dus. En dan heb je me hè. Dan lees ik net zo lang door tot ik bij dat stuk over dat huis ben. Dat is precies in mijn straatje, bedacht ik toen. De tragiek van zo'n bekende man waarvan je denkt dat hij het helemaal voor elkaar heeft. Overigens wekte het verhaal bij mij niet de indruk dat Corbijn financieel gezien de afgelopen maanden zijn wekelijkse kratje Jupiler heeft moeten verruilen tegen een tray Schültenbrau, maar dat terzijde.

Ik vind het prettig om over dit soort dingen te schrijven. Over Amerikanen die met de beste bedoelingen naar Nederland komen (voor wat dan ook), op een dag een coffeeshop binnenlopen en vervolgens een maand lang psychotisch in een GGZ-instelling verblijven. Over dat de Waal een prachtige rivier is, maar dat je er niet echt in kan zwemmen omdat de stroming te heftig is. En nou ja, over een hoop persoonlijke dingen waar ik niet zo blij mee ben en die ik, als ware het een RTL-programma, uitvergroot in een liedje.

Tragiek als inspiratiebron dus. Misschien niet iedereen zijn kopje thee, maar het mijne wel. Het is niet per se zo dat ik elke ochtend chagrijnig uit bed stap en dat de rest van de dag alleen maar minder wordt; integendeel. Ik kan zelfs een redelijk opgeruimde indruk maken als het moet. Maar ik kan me er niet echt toe zetten om in mijn liedjes te doen alsof alles loopt zoals men zou willen, zoals ik zou willen. Ik zou haast willen zeggen dat het mis móet gaan in de liedjes die ik schrijf. Tekstueel dan. Muzikaal moet het natuurlijk kloppen.

Met dit alles kom ik als vanzelf op inspiratiebron nummer twee: zeker twee-derde van mijn muziekcollectie bestaat uit albums vol tragiek. Want zo simpel is het ook nog eens. Ik luister graag naar bands die 69 liefdesliedjes op een CD zetten die stuk voor stuk slecht aflopen, naar soulzangers die smeken om vergiffenis van hun vrouw (vaak omdat ze met de verkeerde vrouw naar huis zijn gegaan/moeten brommen voor diefstal/de vaatwasser op de verkeerde volgorde hebben ingeruimd). Naar geloofwaardige, eerlijke en liefst soms ook wat ironische verhalen, bijgestaan door dito geluiden. Overigens zijn dit bijna nooit singer/songwriters.

Ik zou dus goed naar RTL-programma's kunnen kijken, en soms doe ik dat ook. Bijvoorbeeld als ik ergens op bezoek ben. Maar thuis heb ik daar helemaal geen tijd voor. Ik heb het veel te druk met muziek luisteren en, belangrijker nog, muziek maken. Misschien misgun ik mezelf daarmee een goede inspiratiebron, maar zeg nou zelf, wie zou nu Schültenbrau drinken als je ook Jupiler kunt krijgen?"

Dank voor je mooie verhaal, Roy. Doe mij ook een kopietje van die Goed Volk zomercompilatie 2009 die je op je blog aanprijst. Ben benieuwd! En nogmaals: meer afleveringen in deze serie zijn welkom. Mail me waardoor jij geïnspireerd raakt, inclusief links en beeldmateriaal, en jij bent de volgende na Marg van Eenbergen, Marinus de Goederen, Ivo Victoria, Trent Reznor en Roy.